Spirituele ervaringen

Er bestaan ervaringen die worden aangeduid als spiritueel, religieus, bijzonder, metafysisch, paranormaal of bovenzintuiglijk. Ik heb het dan bijvoorbeeld over helderziendheid, heldervoelendheid, bijna dood ervaringen, uittredingen, het waarnemen van overleden personen, betekenisvolle dromen, synchroniciteit en het waarnemen van visioenen, engelen of een religieus persoon.

Ik ben onderzoek gaan doen naar deze fenomenen na diverse persoonlijke ervaringen. Onder meer de vier-jarige opleiding Zingeving en Spiritualiteit bij de Academie voor Geesteswetenschappen bracht mij veel inzicht. Daarnaast hebben inmiddels vele mensen hun ervaringen op dit gebied met mij gedeeld. Hieronder geef ik in vogelvlucht informatie over voorbeelden van ervaringen die je in mijn praktijk kan bespreken als ze op je pad komen. 

Een bijna-dood ervaring (BDE), ook wel nabij de dood ervaring genoemd, wordt wel omschreven als een ervaring die plaatsvindt wanneer iemand klinisch dood is maar toch weer herstelt. Bijvoorbeeld na een hartstilstand, bij verdrinking of bij een ernstige ziekte. Het is een indringende ervaring, die vaak gepaard gaat met het zien van allerlei kleuren, een tunnel, overleden familieleden en intense gevoelens van vrede, onvoorwaardelijke liefde en/of lichtheid. Een dergelijke ervaring is niet te herleiden tot fantasie, psychose of zuurstoftekort. Mensen die een bijna-dood ervaring meemaken zijn vaak blijvend veranderd. Ze kijken anders tegen de dood aan en daardoor anders tegen het leven. De omgeving is vaak niet bekend met dit fenomeen, zodat erover praten en de andere kijk op het leven door de omgeving niet worden begrepen.

Een toegankelijk boekje op dit terrein is ‘Over de dood en het leven daarna’ van Elisabeth Kübler-Ross. Daarin legt zij uit hoe zij als arts en psychiater in de VS bij sterfbegeleiding steeds meer inzicht kreeg in de dood en de rijke ervaringen die daaromheen spelen. Zij onderzocht onder andere 20.000 gevallen van bijna-dood ervaringen. In eigen land is dr. Pim van Lommel expert op het gebied van bijna-dood ervaringen. Hij bouwde zijn expertise op toen hij van 1977 tot 2003 als cardioloog verbonden was aan het Rijnstate Ziekenhuis in Arnhem. Sindsdien houdt hij over de hele wereld lezingen over bijna dood ervaringen en de relatie tussen bewustzijn en hersenfunctie.

Een uittreding kan worden omschreven als een reis van het bewustzijn buiten het fysieke lichaam. Iemand is in staat om van bovenaf naar zijn lichaam te kijken en het lichaam achter te laten, om naar plaatsen te reizen buiten tijd en ruimte. Dit is, wanneer je het voor het eerst leest, een uitermate onbegrijpelijk fenomeen. Toch komt het bij steeds meer mensen voor. Bij Robert Monroe, een Amerikaanse zakenman, begonnen de uittredingen in 1958. Hij had er aanvankelijk weerstand tegen, maar later ontwikkelde hij meer controle over het verschijnsel. In het boek ‘Uittredingen, Experimenten buiten het lichaam’, vertelt hij hierover. In eigen land schreef Jaap Hiddinga, voorheen chemisch ingenieur en fysicus, diverse boeken over uittredingen. Opvallend is dat mensen die een uittreding krijgen zich indringend gaan verdiepen in allerlei vormen van bewustzijn en spiritualiteit en dat ook hier, door de persoonlijke ontwikkeling en de verruiming in het denken, een afstand tot de naaste omgeving kan ontstaan.

Een nabestaande kan op allerlei manieren worden geconfronteerd met beelden van een overledene. De ene persoon weet zeker dat hij een overledene op de markt zag lopen en bij een ander spreekt een overledene in een droom levensecht tot hem of haar. Ook een nachtelijk bezoek aan het bed komt regelmatig voor. Vooral mensen die bijna komen te overlijden spreken over het ontmoeten van hun overleden geliefden, dat deze op hen wachten of met hen praten. De meeste nabestaanden die een dergelijke ervaring hebben zijn er diep door geraakt en gaan op zoek naar de betekenis ervan. Soms staat de omgeving er zo sceptisch tegenover dat zij aan het twijfelen slaan. Deze twijfel is niet aan de orde bij mensen die bijna gaan overlijden. Kort voor een overlijden ontstaat een toestand van nieuwe verbondenheid, waardoor mensen ‘weten’.

Betekenisvolle dromen kunnen elke nacht plaatsvinden. Maar rondom de dood ervaren vele nabestaanden en stervenden dromen met betekenissen die inzicht geven in het leven. Ook komen boodschappen van naasten vaak voor. Dergelijke dromen kunnen diepe impact hebben en ook heel ondoorgrondelijk zijn. Dromen zijn voor velerlei uitleg vatbaar. Moet je ze letterlijk of symbolisch opvatten? Dat verschilt per droom. Helder is dat een droom aansluit bij het leven, zodat de droom en het leven kunnen worden onderzocht. Mijn ervaring is dat het inzicht vaak vanzelf komt, maar dat het prettig is om daarover met iemand van gedachten te wisselen wanneer de indringendheid uw leven beïnvloedt.

Onder synchroniciteit wordt verstaan een zeer betekenisvol toeval van gebeurtenissen die niet causaal met elkaar zijn verbonden. Zoals het ophalen van een herinnering over een overledene met iemand in een café en op dat moment wordt het liedje gedraaid dat voor jullie zo speciaal was. Of je hebt een droom gehad over een zeer uitzonderlijke kever en prompt vliegt later die dag deze kever, die normaal niet in dit land voorkomt, tegen je raam aan terwijl je over je droom tegen iemand vertelt. Prof. dr. C.G. Jung, psychiater en psycholoog, deed onderzoek naar deze materie. In eigen land schreef dr. Moolenburgh het boekje ‘Is toeval echt toevallig?’. Hierin laat hij aan de hand van vele voorbeelden zien dat wanneer je open staat voor het ongekende het leven op een bepaalde manier gaat stromen, waardoor je dieper inzicht in de mysteries van het leven kunt krijgen.

Een toenemend aantal mensen getuigt van een ontmoeting met een engel, lichtwezen of ander religieus figuur, zoals Jezus, Mohammed of Boeddha. Het opvallende is dat dit niet alleen gebeurt bij mensen met een bepaalde religieuze overtuiging. Ook dergelijke ervaringen zetten een leven vaak op zijn kop omdat ze zo anders zijn dan we in ons rationele bestaan gewend zijn. Wanneer de ontmoeting vergezeld gaat van een boodschap, of wanneer er meteen iets helder wordt, is het vaak de start van een (lange) zoektocht naar hoe hiermee om te gaan en het leven daarop in te richten. Dr. J. van Schaik en drs. H. Stolp schreven onder meer over deze ervaringen. Ook de eerder genoemde dr. Moolenburgh deed hier onderzoek naar en legde zijn onderzoekservaringen neer in een boek.

Ik begeleid je graag wanneer je wil praten over jouw bijzondere ervaring. Kijk hier voor meer informatie over mijn werkwijze.

Literatuur

De titels hieronder heb ik gebruikt in mijn afstudeerscriptie naar de groei van de ziel en de werking van de Christusimpuls. Daarin onderzocht ik onder leiding van historicus en auteur drs. Jacob Slavenburg o.a. overeenkomsten en verschillen tussen de groei van de ziel in de theorieën van dr. Rudolf Steiner, dr. Carl G. Jung, in gnostiek, hermetica, in de beeldtaal van de Bijbel en in sprookjes.

  • Birgelen, J.H. van & Vries-Ek, P.E. de (1999), Alchemie en psychologie, Lemniscaat, Rotterdam.
  • Blaauw-Robertson, W.D. (1998), De symbolische betekenis van de klassieke sprookjes, East-West, ’s-Gravenhage.
  • Campbell, J. 2000 (2), De held met de duizend gezichten, Uitgeverij Olympus Contact, Amsterdam.
  • Campbell, J. (2003), Gij zijt DAT, Ankh-Hermes, Deventer.
  • Campbell, J. (2009), Volg de stem van de je hart, Ten Have, Kampen.
  • Croes–Van Delden, J.F. (1980), Symboliek van sprookjes, Ankh Hermes, Deventer.
  • Douma, M. (2016), Storytelling in 12 stappen, Atlas Contact, Antwerpen en Amsterdam.
  • Eckhart (1975), Van God houden als van niemand, Gottmer, Haarlem.
  • Fromm, E. 1974 (4), Dromen, sprookjes, mythen, Bijleveld, Utrecht.
  • Jung, C.G. 1958 (4), Psychologische typen, Servire, ’s-Gravenhage.
  • Jung, C.G. 1981 (5), Aion, Routledge, London and New York.
  • Jung, C.G. (1989), Mysterium Coniounctioni, Princeton University Press, New York.
  • Jung c.s., C.G. (1992), De mens en zijn symbolen, Lemniscaat, Rotterdam.
  • Jung, C.G. 1995 (3), Verlossing in de alchemie, Lemniscaat, Rotterdam.
  • Jung, C.G. (1998), Antwoord op Job, Lemniscaat, Rotterdam.
  • Jung, C.G. 2000 (2), Psychologie en religie, Lemniscaat, Rotterdam.
  • Jung, C.G. 2001 (5), Maatschappij en individu, Lemniscaat, Rotterdam.
  • Jung, C.G. 2001 (5), Oerbeelden, Lemniscaat, Rotterdam.
  • Jung C.G. 2003 (9), Archetypen, Lemniscaat, Rotterdam.
  • Jung, C.G. 2015 (9), Herinneringen, Dromen, Gedachten, Lemniscaat, Rotterdam.
  • Kempis, Th. a 2003 (3), De navolging van Christus, Pelckmans, Kapellen.
  • Kok, Th.W. (2009), De sprookjesgrot, Phagos, Rijen.
  • Meer, A. van der (2017), Vrouw Holle en de verborgen wijsheid in sprookjes, Pan Sophia, Honselersdijk.
  • Mosmuller, M. (2011), Rudolf Steiner Een spirituele biografie, Occident, Baarle Nassau.
  • Oort, J. van & Quispel G. (2005), De Keulse Mani-Codex, In de Pelikaan, Amsterdam.
  • Pameijer, J.M. (1998), De Mythe van Christus, Ankh-Hermes, Deventer.
  • Pameijer, J.M. (2006), De vergeten waarheid, Aionion Symbolon, Amstelveen.
  • Post, E. (2011), Schrijven met het Oerverhaal, Augustus, Antwerpen en Amsterdam.
  • Quispel, G. (2003), Valentinus de gnosticus en zijn Evangelie der Waarheid, In de Pelikaan, Amsterdam.
  • Quispel G. (2005), Evangelie van Thomas, In de Pelikaan, Amsterdam.
  • Quispel (redactie), G. (2005), Gnosis, De derde component van de Europese cultuur traditie, Rozekruispers, Haarlem.
  • Ratzinger Benedictus XVI, J. (2012), Jezus van Nazareth, Lannoo, Tielt.
  • Rinpoche, S. (2015), Het Tibetaanse boek van Leven en Sterven, Kosmos, Utrecht en Antwerpen.
  • Schaik, J. van (2002), Het beeld van Jezus Christus door de eeuwen heen, Christofoor, Zeist.
  • Scholtes, E. (1991), De verborgen dimensie in het werk van Jung en Pauli, J.H. Kok, Kampen.
  • Schuurman, C.J. (1973), Er was eens … Er is nog, Ankh-Hermes, Deventer.
  • Slavenburg, J. (1990), Rudolf Steiner, Ankh-Hermes, Deventer.
  • Slavenburg, J. (1996), De geheime woorden, Ankh-Hermes, Deventer.
  • Slavenburg, J. (2005), Van Ankh tot Hermes, Ankh-Hermes, Deventer.
  • Slavenburg, J. (2006), Een sleutel tot gnosis, Ankh-Hermes, Deventer.
  • Slavenburg, J. (2008), Valsheid in geschrifte, Walburg Pers, Zutphen.
  • Slavenburg, J. (2010), Het Thomas-Evangelie, Ankh-Hermes, Deventer.
  • Steiner, R. (geen jaartal, oorspronkelijke druk 1904), Hoe verkrijgt men Bewustzijn op hoogere Gebieden, Courvreur, Den Haag.
  • Steiner, R. (1960), Die Bhagavad Gita und die Paulusbriefe, Steiner Verlag, Dornach.
  • Steiner, R. (1978), Hoe werken de engelen in ons astrale lichaam, Vrij Geestesleven, Zeist. Twee voordrachten gehouden in Zürich in 1918.
  • Steiner, R. (1993), De geestelijke leiding van mens en mensheid, Vrij Geestesleven, Zeist. Drie voordrachten gehouden in 1911 in München.
  • Steiner, R. (1998), De wetenschap van de geheimen der ziel, Vrij Geestesleven, Zeist.
  • Steiner, R. (1999), Het esoterische christendom, Vrij Geestesleven, Zeist. Diverse voordrachten in diverse steden in 1910-1912.
  • Steiner, R. (2002), De Akashakroniek, Pentagon, Amsterdam.
  • Steiner, R. (2002), Het evangelie naar Lucas, Vrij Geestesleven, Zeist. Tien voordrachten in Bazel in 1909.
  • Steiner, R. (2011), Van Jezus naar Christus, Pentagon, Amsterdam. Twee voordrachten. Eén voordracht gehouden in Karlsruhe 1911 en één in Hamburg 1913.
  • Steiner, R. (2014), Hoe vind ik de Christus, Pentagon, Amsterdam. Twee voordrachten, één gehouden in Zürich in 1918 en één in Londen in 1922.
  • Steiner, R. 2014 (3), Metamorfosen van de ziel, Vrij Geestesleven, Zeist. Diverse voordrachten gehouden in Berlijn, winter 1909/19010.
  • Steiner, R. 2014 (3), Sprookjes, Pentagon, Amsterdam. Drie voordrachten gehouden in Berlijn in 1908, 1911 en 1913.
  • Uyldert, M. (1979), Verborgen wijsheid van het sprookje, De Driehoek, Amsterdam.
  • Verhoeven, P. (2009), Jezus van Nazareth, Meulenhoff, Amsterdam.
  • Wegh, A. (2015), Kundalini ontwaken, Nau, Blaricum.
  • Wegh, A. (2016), Johannes de Doper die Jezus de Christus werd, Magdalena, onbekend.

Share this Post