Spiritualiteit en leiderschap

Spiritualiteit en leiderschap worden in de huidige tijd niet altijd aan elkaar gelinkt. Voor iedereen die rationeel is ingesteld klinkt het misschien zelfs behoorlijk zweverig. Maar tot aan de periode die we de Verlichting noemen was spiritualiteit stevig ingebed in de samenleving en in leiderschap. Het heette toen geen ‘spiritualiteit’, maar zelfinzicht: inzicht in het wezen van de mens. Deze wetenschap van onder andere de geheimen van de ziel vormde de waarborg voor behoorlijk bestuur.

Wat was de relatie tussen zelfinzicht (spiritualiteit) en leiderschap gedurende de geschiedenis? Bestaat deze vorm van zelfinzicht nog? En wie zijn eigenlijk de leiders van nu?

Ik neem je in deel I mee naar tijden waarin ‘spiritueel’ leiderschap vanzelfsprekend was en beschrijf enkele oorzaken van de ontkoppeling van spiritualiteit en leiderschap. In deel II zien we hoe een paar wereldberoemde wetenschappers door hun beleving van het wezen van de mens zorgen voor het behoud van essentiĂ«le kennis. Hoe zij een impuls gaven voor een nieuwe vorm van leiderschap, die door het ontbreken van de religieuze component steeds meer gelinkt is aan geneeskunde. En in deel III krijg je een kijkje in de relatie tussen spiritualiteit en leiderschap in de huidige tijd. Voor het gemak heb ik in dit artikel alle delen aan elkaar geplakt 😉

Wat is ‘spiritueel’ leiderschap?

Ik begin even heel technisch, met een verheldering van de woorden ‘spiritualiteit’ en ‘religie’. Spiritualiteit is afgeleid van het Latijnse woord ‘spiritus’ wat zowel ‘adem’ als ‘geest’ of ‘ziel’ betekent. Je kan je adem, geest en/of ziel en dus spiritualiteit leren ervaren als je je naar binnen keert. Dat blijkt in de praktijk nog niet zo eenvoudig. Het kost lange en aandachtige training van lichaam en geest om in contact te komen met jezelf en om echt iets van je diepste wezen te begrijpen.

Wanneer je jezelf een beetje door hebt, krijg je een bonus. Dan ontstaat ook langzaam inzicht in het geheel, dus hoe jij verbonden bent met anderen, de wereld en ‘het Al’. Spiritualiteit is in dit opzicht een vorm van religie. Het woord religie is afkomstig van het Latijnse ‘religare’ en kan worden begrepen als ‘her-verbinden’ of ‘verbinden’: verbinding ervaren met jezelf, met iets/iemand anders en met iets dat boven jou uitstijgt. Via spiritualiteit en religie, ervaren en verbinden, kun je dus een andere dimensie van het leven leren kennen.

Wat heeft dit nu met leiderschap te maken. Ik denk verrassend veel.

Inwijdingsmysterie, een weg van persoonlijke ontwikkeling

Duizenden jaren geleden werkten priesters/priesteressen en bestuurders niet alleen nauw samen, maar volgden zij ook dezelfde (geheime) weg van persoonlijke ontwikkeling. Deze ontwikkelingsweg wordt ook wel inwijdingsmysterie genoemd. ‘Inwijding’ vanwege een ‘stappenplan’ om toe te treden tot een bepaalde gemeenschap en tot een bepaalde staat van zijn. ‘Mysterie’ omdat de te nemen stappen en de symboliek er omheen lange tijd strikt geheim waren.

Zouden deze inwijdingsmysteriĂ«n sleutels in zich dragen voor het leiderschap van nu? Ik duik er meteen middenin. We zijn inmiddels duizenden jaren terug in de tijd. Men vereerde op vele manieren allerlei soorten goden. Iedereen deed daaraan mee. Er bestond niet zoiets als een atheĂŻst. En naast de rituelen die men gezamenlijk uitoefende, bestond er ook een persoonlijke ontwikkelingsweg die alles te maken had met verbinden en herverbinden. Stamoudsten, farao’s, priesters, priesteressen en later keizers en koningen en enkele andere hooggeplaatsten gaven elkaar deze verbindingswijsheid door, die afstamde van hun verre voorouders. Dit deden ze alleen mondeling.

Paranormale leiders en zelf-reiniging

Een belangrijk onderdeel van de oude inwijdingswegen is dat men los kwam van persoonlijke negatieve egokrachten en zich leerde te verbinden met zijn ziel en ‘het hogere’. Dit houdt onder meer in dat deze stamoudsten, priesters en koningen leerden te ervaren voorbij de normale zintuiglijke ervaringen. Ja u leest het goed: paranormaal! Voorbij (‘para’) de normale zintuiglijke ervaringen. Men ging helder zien en/of helder weten, contacten ervaren met iets dat zij als ‘het heilige’ aanduidden, eenheidservaringen beleven en betekenisvolle dromen ervaren. Maar om zover te komen moest men eerst een jarenlange weg van innerlijke reiniging ondergaan. Een weg van zuivere bewustwording die intensief begeleid werd.

Het is niet zo dat de mensen die deze weg gingen allemaal rond gingen zweven. Door de zorgvuldige jarenlange beoefening werden de buiten-zintuiglijke ervaringen (dus niet met de zintuigen opgedane ervaringen) tot een gecontroleerd onderdeel van het leven en werk. Dat betekende ook dat deze mensen hun normale bestuurderstaken uitoefenden -dan wel daarop werden voorbereid- en daarnaast werden voorbereid om hun leiderschap met extra vaardigheden en wijsheid te verdiepen.

Egyptische godenzonen 

Uit de geschiedenis blijkt dat deze innerlijke ontwikkeling essentieel was bij het besturen van een land. Bijvoorbeeld in de tijd van het oude Egypte, waar priesters en priesteressen met de farao op deze wijze regeerden. De farao werd bij zijn troonsbestijging tot een Zoon van God. Dit vereiste jaren van voorbereiding, die in die regio onder meer bestond uit het reinigen van ziel en geest. En ook de eigenschappen, namen en wezenskenmerken van de goden diende de farao (in spé) zich eigen te maken.

Ook in de Bijbel worden boodschappen van profeten en zieners aangeduid als leidraad voor verandering en aansturing. Later werd herontdekt dat zowel het Oude als het Nieuwe Testament kan worden gelezen als een weg van inwijding. Daarbij blijkt met name Jezus van Nazareth een gids voor een wijs en betekenisvol leven.

De Bijbel als boek van inwijding

Er volgde rond het jaar 0 een enorme omslag in de geschiedenis, omdat Jezus delen van de voordien strikt geheime inwijdingskennis -de doodstraf stond op bekendmaking- bekend maakte. Juist omdat er zo’n grote maatschappelijke kloof bestond tussen de ‘wetenden’ en de ‘niet wetenden’ ging er een wereld voor mensen open toen hij zijn verhalen deelde. Ze voelden dat het klopte wat Jezus vertelde. Dit had voor de machthebbers kerk en staat als ‘negatief effect’, dat er meer mensen levens- en spirituele wijsheid ontwikkelden, dat deze mensen meer autonomie verwierven en dus minder makkelijk te beĂŻnvloeden en (financieel) onder controle te houden waren.

Nu liep het ook weer niet heel snel storm met de verandering. Want de nieuwe informatie was voor de mensen zĂł anders dan wat ze tot die tijd hadden gehoord, dat maar weinigen deze kennis daadwerkelijk konden doorgronden. Zelfs de apostelen hadden er moeite mee. Daarom staat er in de diverse evangeliĂ«n -waaronder de apocryfe Bijbelboeken- regelmatig na een uitspraak van Jezus “wie oren heeft die hore’. Dat betekent dus niet dat er maar een paar mensen oren hadden, maar dat pas helder werd wat hij bedoelde, als je de symboliek achter de tekst kon begrijpen.

Een indrukwekkende verschuiving in de geschiedenis van de inwijding dus! Bastiaan Baan schrijft op een toegankelijke manier over de historie van inwijding en diverse te ontdekken perioden daarin. En historicus Jacob Slavenburg schreef vele boeken over (on)waarheden achter het geschreven Bijbelse woord en een zeer uitgebreide Reis langs de mysteriën. In deel II en III ga ik verder in op deze geschiedenis en het gevolg voor hedendaags leiderschap.

Deel II

In deel I van dit drieluik bleek dat spiritualiteit en leiderschap duizenden jaren vervlochten waren en dat Jezus van Nazareth geheime kennis hierover openbaar maakte. Wat veranderde er daarna? En wat hebben Newton en Einstein hiermee te maken?

De verdwenen Bijbelboeken

Jezus van Nazareth spoorde mensen aan om tot zelfinzicht te komen, hun hart te zuiveren en hun relatie tot God en de kosmos te verkennen. Zijn leerweg is nog maar gedeeltelijk te vinden in het Nieuwe Testament en komt op belangrijke delen wonderwel overeen met de inwijdingsmysteriĂ«n van de stamoudsten, koningen, farao’s en priesters waarover ik in deel I sprak. Waar de rest van zijn leringen bleef? Vanaf het jaar 325, tijdens het Concilie van Nicea, werd in samenspraak tussen de leiders van de toenmalige Christelijke kerk en de Romeinse heersers bepaald welke boeken in de definitieve Bijbel werden opgenomen. Diverse boeken die de innerlijke weg van bewustwording bevatten zoals Jezus die had geleerd, werden niet meer opgenomen. Dit zijn bijvoorbeeld het Evangelie van Thomas, het Evangelie volgens Maria Magdalena en het Geheime Boek van Johannes.

Mensen die een andere dan de reguliere weg wilden verkennen, werden veelal vervolgd als ketters. Het overkwam onder meer duizenden Katharen in Frankrijk, die om hun afwijkende kijk op God en mens werden vermoord. Jarenlang werd dit onder het tapijt geveegd, maar Paus Franciscus heeft recent excuses gemaakt voor deze afslachting met volmacht van zijn voorganger Paus Innocentius III. De ‘verbannen’ Bijbelboeken verdwenen uit angst voor vervolging honderden jaren van het toneel. Pas in 1945 werden zij in een woestijn in het Egypische Nag Hammadi weer gevonden in een kruik. Een historisch zeer belangrijke vondst. Professor dr. G. Quispel (1916-2006), hoogleraar kerkgeschiedenis in Utrecht, Leuven en Harvard, was er vanaf het begin bij. Hij schreef vele boeken over de indrukwekkende inhoud ervan en over de rode draad van universele wijsheid die door de geschiedenis van de mensheid loopt.

Geheime genootschappen en mystici

Terug naar waar ik was gebleven. Waar kerk en staat elkaar vonden in het onder controle houden van mensen, werden zij naarmate de Middeleeuwen vorderden steeds meer rivalen in hun hang naar macht en geld. Er werd op individueel niveau goed werk gedaan, maar de aflatenhandel tierde welig en trok de kerk verder weg bij de innerlijke beleving. De nieuwe kijk op God en mens had ook impact op de persoonlijke ontwikkeling van de bestuurders. Want hoe verhield de mysteriekennis over lichaam, geest en ziel zich tegenover de mainstream religie? Op kleine schaal werd nog informatie gedeeld. In besloten genootschappen tussen koningen, keizers en andere notabelen. Er werden geleerden met uiteenlopende meningen uitgenodigd aan hoven en bij rijke families om geestelijk te groeien en geĂŻnspireerd te raken. Ook bestonden er zogenoemde mystici, die spirituele ervaringen hadden en soms deelden. Zij werden min of meer getolereerd. De mystici waren meestal geen geleerden, maar schrijvers en/of mensen met een religieus leven. Zij spraken over diepgaand contact met God en noemden hun belevingen bijvoorbeeld ‘godsgeboorte in de ziel’ (Meester Eckhart) of ‘eenwording met Christus’ (Hadewijch), als ervaring op hun pad van bewustwording. De mystici inspireerden mensen om hen heen die van binnen voelden waar zij het over hadden. Er ontstond een andere vorm van ‘spiritueel’ leiderschap.

Newton, de laatste magiër

Ik neem nu een sprong in de geschiedenis en duik over de Renaissance heen, een tijd waarin notabelen en kunstenaars hernieuwde interesse kregen in de bronteksten van de Bijbel en de klassieke oudheid. De dogma’s van de kerk, die vaak ook de houding van de vorsten bepaalden, werkten steeds minder. Mensen waren op zoek naar vernieuwing en verandering. Die houding leidde vanaf de achttiende eeuw tot een sterke ontwikkeling van ratio en materie en tot veel nieuwe ontdekkingen waarvan wij nu nog de vruchten plukken. Maar gevoel, intuĂŻtie en spirituele ervaringen werden steeds vaker als niet bestaand afgedaan. Angst voor vervolging werd angst voor uitsluiting. Angst die tot op heden voelbaar is. Toch bleken diverse knappe koppen nog gebruik te maken van hoofd Ă©n hart


In die tijd droegen onder meer de Vrijmetselaars en de Rozenkruisers de wijsheden van de mysteriescholen en het vroegste christendom over. Daarbij waren ook groten der aarde aanwezig, maar nooit openbaar. Van natuurkundige Isaac Newton, van de wetten van Newton, is bekend -zie o.a. Michael White Isaac Newton The Last Sorcerer- dat hij het grootste deel van zijn leven wijdde aan (spirituele) alchemie, de chronologie van de bijbel, profetieĂ«n en het ontrafelen van de leer van Hermes Trismegistus. Deze laatste wordt door professor Quispel in relatie gebracht met de leringen van Jezus van Nazareth. Ook van Albert Einstein, vaak gezien als de slimste mens op aarde, wordt gezegd dat hij zijn wetenschap baseerde op intuĂŻtieve ervaringen. Zeker is dat hij een spiritueel, filosofisch en religieus ervaringsdeskundige was. Einstein stelt zelfs dat iedereen die de ervaring van het mysterieuze mist ‘zo niet dood, dan op zijn minst blind is’. Ik schreef eerder over de indrukwekkende ‘Gelaubensbekenntnis’ die Einstein in dit kader publiceerde.

De geheimen van de ziel, Jung en Steiner

In de vorige eeuw waren er meer wetenschappers met interesse in de mysteriĂ«n van het leven en de geheimen van de ziel. Dit keer niet vanuit leiderschaps- of puur godsdienstig oogpunt maar vanuit geneeskundig perspectief. De rationele inslag van de maatschappij en het gebrek aan spirituele en religieuze verbondenheid begon zijn tol te eisen in de vorm van zinloosheid en andere klachten. Net als nu leden er in die tijd heel veel mensen aan stress en andere geestelijke klachten. Psychiater en psycholoog prof. dr. Carl Gustav Jung (1875-1961) en dr. Rudolf Steiner (1861-1925) werden immens populair met hun op zelfinzicht gerichte geneesmethoden. Bij bosjes bezochten mensen de privĂ©praktijken van de heren, die hen behandelden met methoden die wij herkennen uit
 de mysteriescholen. ‘Psychologie’, begin vorige eeuw nog de jongste telg van de wetenschap, betekent dan ook niets meer of minder dan ‘kennis van de ziel’! De spirituele kennis die vroeger onderdeel was van bestuurlijk en kerkelijk leiderschap, splitste zich nu af in een nieuwe professie en werd onderdeel van de gezondheidszorg. Omdat artsen zich in de regel met het lichaam bezig hielden en niet met de geest en ziel, werd de mens als wezen als het ware opgesplitst.

Jung analyseerde de ziel via uitingen van het onbewuste in dromen, visioenen, betekenisvolle toevalligheden (synchroniciteit), tekeningen, etc. Kennis waar je niet bij komt als je rationeel nadenkt en vragenlijsten invult, omdat je geest allerlei mechanismen kent waarmee je jezelf voor de gek houdt. Jung beoogde daarmee inzicht te krijgen in wat zich werkelijk afspeelt in de geest en daarmee in wat zijn patiënten weer gezond kan maken. Jung zelf had bizarre dromen, een bijna-dood ervaring en diverse religieuze ervaringen. Juist die ervaringen gaven hem de instrumenten om het onbewuste als systeem te doorgronden. Zijn (auto)biografie Herinneringen, Dromen, Gedachten geeft een mooi inzicht in zijn indrukwekkende levensverhaal en werk. Hij was ook betrokken bij de vondst van de verdwenen Bijbelboeken in 1945.

Zijn tijdgenoot Steiner is onder meer de grondlegger van de vrije scholen, de biodynamische landbouw, de verzorgingsproducten van Weleda en de antroposofische geneeskunde. Hij ontleende deze vernieuwende gedachten aan de beleving van ervaringen die hij in een bepaalde bewustzijnstoestand ondervond. Hij noemde deze informatie ‘geesteswetenschap’ en ‘antroposofie’ (wijsheid over de mens) omdat hij van mening was dat deze ervaringen voor iedereen toegankelijk zijn die deze bewustzijnstoestand kan bereiken. Steiner werkte in zijn geneeskunde onder meer via reiniging van de ziel, meditatie om de ziel te horen spreken en creatie als uitingsvorm van de ziel. In duizenden voordrachten (naar schatting 6000!) heeft hij uitgedragen hoe de weg naar binnen kan worden gegaan en wat het belang daarvan is, niet alleen voor de individuele mens, maar ook voor de ontwikkeling van de hele mensheid. Steiner inspireerde miljoenen mensen met zijn ideeĂ«n op het gebied van geneeskunde, landbouw, onderwijs en verzorging. Hij gaf blijk van diepgaand inzicht in mysteriewijsheid en schreef diverse boeken over de werking van de Christusimpuls als mogelijkheid voor een ieder om te groeien.

In deel III zal ik iets vertellen over de maatschappelijke ontwikkelingen in de laatste decennia en over hoe eeuwenoude inzichten in een nieuw jasje bij steeds meer mensen weer onderdeel uitmaken van hun leven.

Deel III

Een korte samenvatting van Deel I en II. Spirituele ontwikkeling was duizenden jaren onderdeel van het traditionele ‘voorbereidingspakket’ van leiders. Er bestond een grote kloof tussen de ontwikkeling van de leiders en die van het volk. Geheime kennis over het wezen van de mens en de wereld werd in het westen openbaar gemaakt door Jezus van Nazareth, zodat iedereen meer zelfinzicht kon krijgen. Enkele eeuwen daarna maakten de geĂŻnstitutionaliseerde christelijke kerk en de Romeinen een deal -onder meer over toegestane bijbelboeken-, die innerlijke ontwikkeling bij de ‘massa’ belemmerde. Leefregels en symbolen die verbinding bevorderden tussen de mens en zijn eigen wezen en het goddelijke veranderden in dogma’s. De opkomst van de huidige wetenschap betekende tegelijk onder het juk van de kerk als machtsorgaan vandaan komen en luidde na de middeleeuwen een nieuw tijdperk in. Helaas werd het kind met het badwater weggegooid: spiritualiteit, zelfinzicht in breed perspectief, intuĂŻtie en het gevoel legden het af tegen het verstand en wat onzichtbaar was bestond niet meer. Niet iedereen ging in deze stroom mee. Dat zorgde voor diversiteit in de innovatie Ă©n ‘redde’ het voortbestaan van spirituele ontwikkeling. Newton, Einstein, Jung en Steiner zijn voorbeelden van vernieuwers die werden geĂŻnspireerd door oude wijsheid. In het laatste deel van dit drieluik licht ik een tipje van die oude wijsheid op en deel ik stap 1 op het pad van verkrijgen van innerlijk leiderschap.

Globalisering en spiritualiteit

Einstein zei eens “Wetenschap zonder religie is kreupel. Religie zonder wetenschap is blind.” De superwetenschapper pleitte dus glashelder voor het weer samensmelten van wetenschap en religie, hoofd en hart, verstand en gevoel. De inzichten van voor de Verlichting, toen bijbelstudie en meditatie, magie, plantkunde, alchemie, astrologie en filosofie nog hand in hand gingen om levenswijsheid en gezondheid te vergroten. Met daarnaast als bonusingrediĂ«nt de ratio en kennis uit onderzoek om structuur te brengen en strategische keuzes te maken.

Is er iets gedaan met Einsteins pleidooi? Is de balans tussen hoofd en hart, ingebed in een breed mens- en wereldbeeld de laatste decennia weer hersteld? We gaan eens kijken.

Na de Tweede Wereldoorlog namen ontkerkelijking, informatisering, globalisering en individualisering toe. In het kort betekent dit dat er minder mensen naar een kerk gaan, dat er meer kennis beschikbaar is, dat mensen en bedrijven elkaar overal ter wereld weten te vinden en dat mensen gemiddeld meer contacten hebben, maar minder diepgaand. Men weet daardoor meer, is zelfstandiger en het welvaartsniveau is gestegen. Maar de andere kant van deze medaille is onder meer dat het respect voor anderen en instanties is afgenomen, dat mensen met zingevingsvragen niet meer worden opgevangen binnen vertrouwde verbanden (omdat deze de kennis niet meer hebben om ze te helpen), dat stress, depressie, eenzaamheid en welvaartsziekten miljoenen in de greep houden en dat we de aarde uitputten.

Innovatie van onderop

Deze veranderingen houden gelijke tred met een hernieuwde belangstelling voor spirituele ontwikkeling. Dit keer niet vanuit de bovenlaag van bestuurders en kerkelijk leiders en ook niet door een enkeling beleefd zoals in geheime genootschappen, door mystici en topwetenschappers. Maar in de breedte, als het ware bottom-up. In de tijd van wederopbouw na WOII begon de ontwikkeling met flower power en new age bewegingen, waarin vrijheid werd verkend en men zich wilde losmaken van systemen, crises, angst, onzekerheid en controle. Oosterse religieuze ideeën werden naar het Westen gehaald en ervaringen met drugs, meditatie en seances werden gedeeld.

Maar de laatste jaren krijgt spiritualiteit een andere invulling. Miljoenen westerse mensen beoefenen regelmatig yoga en doen aan meditatie. Het aantal (internet)fora waar mensen spirituele ervaringen delen zoals bijna-doodervaringen, eenheidsbelevingen, Christuservaringen, visioenen, betekenisvolle dromen en helderziendheid neemt zienderogen toe. De hoeveelheid boeken over spirituele ontwikkeling groeit explosief. Ook dringt het besef door dat zogenaamd Oosterse ideeën als karma, meditatie en reïncarnatie helemaal niet nieuw zijn en net zozeer verweven zijn met onze westerse geschiedenis. Deze universele wijsheid was namelijk ook onderdeel van de innerlijke weg die onze bestuurlijke en geestelijke leiders vroeger gingen. De weg die door Plato, mystici en in genootschappen gedeeld werd en waarmee diverse wetenschappers nog in verbinding stonden. Zij wordt nu door meer mensen dan ooit ervaren.

Op basis van de kennis en vooral de ervaring van deze mensen zullen kerk, overheid en wetenschap langzaam transformeren. Deze instanties moeten wel, want hun geloofwaardigheid lost langzaam op. Ze zullen weer naar elkaar toegroeien en zichzelf opnieuw uitvinden. Daarbij lijkt kennis van de geschiedenis van het uiteenvallen van het inzicht in mens- en wereld en de daarbij spelende machtsprocessen en perverse prikkels essentieel voor een nieuw begin. Maar nog belangrijker is het zelf ervaren. Dan is het eigenlijk onnodig om de geschiedenis te kennen. Want dan weet je vanuit je zuivere innerlijke bron op dat moment exact welke weg de juiste is.

De innerlijke weg

Tot slot. Hoewel het uiteraard onmogelijk is, waag ik hier een poging om de leer van mysteriescholen, de oorspronkelijke inzichten van Jezus Christus, Oosterse wijsheid, geheime genootschappen en mystieke belevingen samen te vatten in twee regels.

Neem de betekenis van de woorden ‘spiritualiteit’ en ‘religie’ letterlijk: ‘adem of ziel ervaren’ en ‘her-verbinden’. Maak contact met de aarde, je lijf en je hart. Ervaar stilte, wat er is, liefde, dankbaarheid.

Het is stap 1 naar een diepere vorm van zelfinzicht. Naar persoonlijk en innerlijk leiderschap. Spiritueel leiderschap. Probeer het maar eens een tijdje. Dagelijks 5 minuten bij je adem en wezen stil staan. Gewoon even zijn, in plaats van denken of doen. Een paar minuten geeft al zoveel ruimte.

Wat hebben we te verliezen als we ons wat meer verdiepen in ons wezen? Er kan een nieuwe wereld open gaan.

Proloog – De zin van een vollediger mens- en wereldbeeld

Waar kan deze vorm van bewustwording toe leiden?

Letterlijk even stil staan en open staan voor het onbekende, voor wat er is, leidt tot zelfinzicht, meer innerlijke vrede en een andere moraal. Hart en verstand zullen elkaar complementeren en ons mens- en wereldbeeld wordt verbreed. Misschien krijg je synchroniciteiten op je pad, momenten van betekenisvol toeval. Of inzichtgevende dromen die je verder helpen op je levenspad. Deze inzichten maken het makkelijker om keuzes te maken in je leven. Tegenstellingen verdwijnen, omdat je ze leert zien als twee kanten van dezelfde medaille, waarachter waarden schuil gaan. Je komt dichter bij je levensdoel, want je leert je talenten kennen en inzetten voor anderen. En, als je de verbinding met jezelf hebt hervonden, ervaar je dat je een onlosmakelijk onderdeel bent van het geheel. Dan wil je net zo goed voor de ander en de aarde zorgen als voor jezelf.


Lees de schuingedrukte zinnen nog eens na en ervaar…

Share this Post